Recensie


Een huiveringewekkend nauwkeurig beeld

Bij het huis van nummer vijf staat de buurvrouw stijf tegen de muur van de bijkeuken, ze staat te loeren, met haar oog net om de hoek van het huis.

 

Janneke Holwarda, geboren in 1953 in Emmen, volgde opleidingen aan de Bibliotheek-en Documentatieacademie in Groningen, de Hogeschool voor de Kunsten in Utrecht, het Colofon en de schrijversvakschool in Amsterdam en Groningen. In 2010 debuteerde ze met ‘Zeesteen’, een coming of age roman. Dit boek won de ECI kwartaalprijs, werd genomineerd voor de Academica debutantenprijs 2011 en geselecteerd voor de longlist van de Vrouw & Proza debuutprijs 2013. In september 2013 verscheen haar tweede roman: ‘Maan op de heenweg’ een aangrijpend boek over de jeugd van haar moeder. ‘Maan op de heenweg’ werd genomineerd voor het beste Groninger boek.

 

Zo zijn wij niet’ is de titel van haar nieuwe roman. Het verhaal speelt zich af in de jaren vijftig en zestig; een kleine straat Op de plaats waar ooit een meer lag – dat meer is inmiddels opgedroogd en is een nieuwbouwwijk geworden , in een dorp zoals er zovelen waren en zijn in Nederland. Als lezer zie je de straat ontstaan en maak je kennis met de bewoners van de Veenstraat, hun verleden, hun heden en hun toekomst(dromen), beschreven vanuit het perspectief van twintig verschillende personages, maar ook gezien door de ogen van de buren. Er wordt heel wat afgeroddeld in de straat en niemand wil zijn als de verguisde buur. Toch heeft ook hier ieder huisje zijn huisje en heeft elke bewoner wat te verbergen. De sociale controle in de wijk is enorm en dat werkt zo verstikkend dat sommigen er weg willen, anderen blijven er tegen hun zin omdat ze zich niets beter kunnen permiteren.

 

We maken kennis met de bewoners van de Veenstraat: de familie Hut, de heer M. Zaligman, fam. A. A. Brokman, de Tatipatta’s, de oude en de jonge Gerdings, de Dubbelboeren, de familie Feltrop, meester Jalvingh en de Mensings. In korte hoofdstukken die telkens de naam van een bewoner en een huisnummer hebben, toont Janneke Holwarda het leven van elke dag in de nieuwbouwwijk die begint te leven: een huwelijk tussen een protestantse man en een katholieke vrouw, dromen over een reis naar Lourdes, een blinde pianoleraar doet vreemde spelletjes tijdens de les, een meisje wil liever een jongen zijn, twee zussen dromen van het echte leven in een bruisende stad, moeder en zoon verbergen een oorlogsverleden en in een van de achter- tuinen bouwt een man een schip. In passages tussen de hoofdstukken geven buren (‘het koor’) venijnige commentaren en wordt er heel druk aan verzuurde en vervormde beeldvorming gedaan.

 

Het is even wennen aan de structuur van dit boek, maar je kan je toch een zeer goed, zelfs huiveringwekkend nauwkeurig beeld vormen van een willekeurig groepje van mensen die per toeval samen in die wijk wonen.

 

Janneke Holwarda schetst heel nauwkeurig het tijdsbeeld van toen de Vlaamse en Nederlandse dorpen nog zo ‘wit’ waren dat zelfs een ‘verhollandste indonesiër’ uit de toon viel.

 

Het is een vlot en goed geschreven mozaïekverhaal waarin tragiek en humor prachtig gecombineerd zijn.

 

Overige Recensies