Ze is deze zomer docent op een camping, twee weken lang geeft ze workshops beeldend. Leuk, druk en hectisch. Lezen helpt om stilte in haar hoofd te creëren. Eergisteren is ze begonnen in De onderwaterzwemmer van Thomése, gevonden in een straatbibliotheek. Op vakantie neemt ze liever geen dierbare boeken mee, in de tent kan zo’n boek maar zo verregenen, vergelen, verwaaien…
De onderwaterzwemmer beslaat drie delen, het eerste deel beschrijft het ontstaan van het trauma bij de hoofdpersoon, het tweede deel speelt in Afrika in 1974.
Ze is halverwege. Het is niet alleen maar ontspanning, de emoties van de getraumatiseerde hoofdpersoon zijn intens en roepen bij haar ook van alles op: herinneringen, blijdschap, verlangen, verdriet, maar vooral boosheid. Ze heeft zelf drie jaar in Afrika gewoond en gewerkt, ze heeft een Afrikaanse dochter, ze vindt het pijnlijk om te lezen hoe de hoofdpersoon praat over ‘negers’, hoe hij zich niet weet te verhouden tot de mensen, de zeden en gewoonten, de hitte, de stoffige wegen. Ze snapt wel dat zijn trauma hem parten speelt, maar het stoort haar ook.
Dat is het risico van een onbekend boek meenemen. Als ze het straks uit heeft gaat ze eens kijken wat de recensenten ervan vinden.